Lijnen en hoeken

Als twee rechte lijnen elkaar kruisen, worden er vier hoeken gevormd. De som van al deze hoeken (a, b, c, d) is altijd 360°.

Als een willekeurig aantal rechte lijnen op hetzelfde punt bij elkaar komen, is de som van de hoeken op dat punt altijd 360°.

De hoeken die verticaal tegenover elkaar liggen wanneer rechte lijnen elkaar kruisen, zijn altijd gelijk. In het diagram is 'a' gelijk aan 'c' en 'b' gelijk aan 'd'.

diagram
Als een willekeurig aantal rechte lijnen op hetzelfde punt op een andere rechte lijn bij elkaar komen, is de som van de hoeken die op een rechte lijn worden gevormd, altijd 180°. Hier zijn hoek a, b en c bij elkaar opgeteld 180°.

Kijk nog eens naar het bovenste diagram. Deze rechte lijnregel betekent dat a + b = 180° en c + d = 180°.

diagram
back contents next
Copyright © John Everett (Leicestershire, UK) 2002,2003